We leven in een tijd waarin alles tot op de vierkante millimeter is dichtgetimmerd. Je gps weet waar je bent voor je er zelf erg in hebt, algoritmes voorspellen welke kaas je volgende week wilt eten, en de werkelijkheid wordt ons dag in dag uit gepresenteerd als een betrouwbaar, vlekkeloos geolied mechanisme.
Maar af en toe bekruipt je dat vreemde gevoel. Dat je opzij kijkt en denkt: klopt dit eigenlijk wel? Wat als de vloer waarop we zo zelfverzekerd rondlopen uit triplex blijkt te bestaan?
Als lezer – en inmiddels ook als schrijver van het boek ENGEL – ben ik altijd op zoek naar verhalen die dat ongemakkelijke gevoel omarmen. Verhalen die niet alleen de vraag opwerpen "Wie heeft er in vredesnaam een moord gepleegd?", maar vooral: "Wat als de hele realiteit een complot is tegen je eigen geest?"
Je kunt het stempels geven als sciencefiction of speculatieve fictie, maar dat dekt de lading zelden. Mood matters more than subgenre labels. Wat je zoekt is de metafysische thriller: een genre dat twee volkomen tegenstrijdige appetijten tegelijk voedt. Het geeft je de stuwkracht en de motor van een klassieke thriller – gevaar, suspense, raadsels, personages die met hun rug tegen de muur staan – maar het geeft je brein tegelijkertijd iets onhandigs om op te kauwen rond wanneer je een verhaal 's nachts niet kan neerleggen. Het maakt de dood tot een interieur, geloof tot een wapen, en je eigen identiteit tot een spookhuis.
De blauwe pil en het tienerbrein
Mijn eigen fascinatie daarvoor is erg ergens begonnen. Misschien wel bij Madeleine L’Engles A Wrinkle in Time. Vaak weggezet als klassieke YA science-fantasy, en feitelijk klopt dat ook, maar wie goed leest proeft meteen iets heel anders. Het is onmiskenbaar metafysisch. Het gaat over kosmisch kwaad, over liefde als een fysieke kracht die door dimensies beukt, en over de morele architectuur van het universum. De taal is toegankelijk, maar de spirituele ambitie is torenhoog. Het plant al op jonge leeftijd de twijfel in je hoofd dat de wereld groter, vreemder en gevaarlijker is dan je ouders je wilden vertellen.
Die twijfel groeit met je mee, en soms wordt hij genadeloos blootgelegd op een bioscoopscherm. Neem The Matrix. Als tiener blazen de visuele effecten je van je stoel, maar als volwassene is het de ijzingwekkende filosofie die onder je huid kruipt. Er is die ene zin van Morpheus die zich voorgoed in mijn geheugen heeft vastgebeten:
"You have to understand. Most people are not ready to be unplugged. And many of them are so inured and so hopelessly dependent on the system that they will fight to protect it."
Laat die woorden even bezinken. Is dat niet exact wat we hierbuiten, op straat, op kantoor en in de stembus de hele tijd doen? We leven in een wereld waarin hele naties en generaties verdrinken in bergen schuld, zorgvuldig uitgetekend door een handjevol slimmeriken die 'het systeem' hebben ontworpen. En het meest tragische is: we verdedigen datzelfde systeem met hand en tand.
En het allerergste? We wéten het. We zijn niet stom. We consumeren cultuur met volle teugen. We bekijken films, theaterstukken en bezoeken concerten waarin we intellectueel en filosofisch tot op het bot worden uitgedaagd. We zien de metaforen, we knikken bedachtzaam in het donker van de zaal, we voelen de revolutionaire kriebel. Maar zodra de lichten aangaan, rapen we onze jas op, rijden we naar huis en zetten we gewoon weer braaf de wekker voor de volgende ochtend. We slikken de blauwe pil zodra we onze oprit oprijden.
Inception speelt met een vergelijkbaar, maar intiemer soort verraad: de illusie van de eigen gedachte. Ook daar rekt de tijd op en zakt de werkelijkheid ineen tot een kaart van lagen, waardoor je je onvermijdelijk afvraagt hoeveel van onze 'vrije wil' eigenlijk gewoon is ingebed in een ontwerp dat niet van ons is.
Zelfs The Truman Show – hoe licht en absurdistisch ook – raakt aan diezelfde existentiële jeuk. Wat doe je als je erachter komt dat de horizon die je elke dag bewondert niets meer is dan een beschilderd doek? En vergeet Philip K. Dick niet, met Ubik, waar de tijd achterstevoren lijkt af te lopen en de werkelijkheid onder je handen verkruimelt als oud papier.
Bij dit soort verhalen is de wereld geen decor; de wereld is een tegenstander.
Waarom dit soort verhalen blijft hangen
Waarom grijpen dit soort verhalen ons zo bij de keel? Omdat ze de lezer niet behandelen als een consument van een hapklare plot, maar als een medeplichtige.
Metafysische fictie leidt tot boeken die blijven hangen lang nadat je ze hebt dichtgeslagen. They hit different, zoals ze dat zo mooi zeggen in het Angelsaksisch. Ze geven je de adrenalinekick van een jacht, maar ze laten je achter met een lichte paranoia over de structuur van je eigen bestaan. Ze maken identiteit fluïde. Wie ben je als je herinneringen niet van jou blijken te zijn? Wat blijft er over van je autonomie als de regels van het spel stiekem door iemand anders worden geschreven?
En toch blijf je niet geheel achter zonder antwoorden... Het mysterie wordt meestal opgelost. Het kan zijn dat je antwoorden wel verschillen van die van een andere lezer.
Dat is precies de wereld waarin ENGEL zich afspeelt. In ENGEL volgen we een man die een ogenschijnlijk veilig, klein bestaan leidt te midden van boeken – tastbaar papier, inkt, geur – als een soort stille rebellie tegen een gedigitaliseerde werkelijkheid. Maar dan glijdt er een mysterieus schaakstuk binnen, en een bekende zin die als een blikseminslag binnenkomt. Vanaf dat moment verandert zijn zoektocht naar de waarheid in een ontdekkingstocht die veel dichter bij huis komt dan hem lief is.
We hoeven niet naar fabeltjesland te reizen om vervreemd te raken; de moderne wereld doet dat elke dag een beetje beter voor ons. De kunst is om daar een verhaal over te schrijven waarin je als lezer niet kunt stoppen met bladeren, tot je bij de laatste punt aankomt en denkt: wacht eens even... hoe zit het eigenlijk met mij?
De illusie van het individu
Als we het dan toch over de grenzen van onze werkelijkheid hebben, moet ik als bonus een klein uitstapje maken naar Sense8. Geen boek, maar wel een meesterwerk dat ontsproten is aan hetzelfde Wachowski-brein dat ons The Matrix gaf.
Sense8 zaagt aan de poten van misschien wel de diepste leugen die het moderne leven ons vertelt: de illusie dat we afgescheiden individuen zijn. In deze serie vloeit identiteit naadloos over in de ander. Pijn, vreugde, herinneringen en vaardigheden worden gedeeld over continenten heen. Radicale empathie is hier geen nobele karaktertrek of zweverig ideaal, maar een fysieke realiteit. En belangrijker nog: het is een bloedlink wapen tegen een kille wereldorde die niets zo erg vreest als echte, oncontroleerbare verbondenheid.
Het dwingt je om na te denken: wie ben je nog, als jouw diepste gedachten tegelijkertijd door hoofden aan de andere kant van de wereld spoken? Het trekt de muren rondom het 'ik' meedogenloos omver.
De wortels van mijn inspiratie
Mijn schrijven is gevormd door verhalen die me als tiener en volwassene raakten. Verhalen waarin de wereld niet is wat hij lijkt:
-
A Wrinkle in Time (Madeleine L’Engle): Een jeugdherinnering die me nooit heeft losgelaten. Het is science-fantasy, ja, maar bovenal een metafysisch meesterwerk over kosmisch kwaad, liefde als een fysieke kracht en de morele vorm van het universum. De ambitie van dat boek is tijdloos.
-
The Matrix & Inception: Deze films dwongen me om na te denken over de constructie van onze dagelijkse ervaring. Hoeveel van onze 'vrije wil' is ingebed in een ontwerp?
-
Cloud Atlas: Een geniale verkenning van verbondenheid door generaties heen. Het laat zien hoe keuzes en daden door de tijd heen echoën.
-
Ubik (Philip K. Dick): De meester van de ontwrichte werkelijkheid. Bij Dick is niets ooit definitief, en dat is precies wat thrillers zo verslavend maakt.
-
The Truman Show: Misschien een randgeval, maar voor mij een van de meest confronterende verhalen ooit. Wat doe je als je ontdekt dat je wereld een decor is?
- The OA: Deze Netflixserie heeft me echt enorm aangegrepen en sluit ook op verschillende vlakken aan bij mijn eigen geloofsovertuiging, eentje die, net als mijn boek, niet in een vakje kan worden geplaatst. De serie werd helaas gecanceld door Netflix na twee seizoenen, zowat midden in het verhaal en dit tot grote spijt van de loyale fanbase. Het fascineert me dat dit verhaal toch zoveel mensen diep heeft weten te raken. Lees er meer over in mijn uitgebreide blog over the OA.
Binnenkort deel ik nog een apart bericht voor twee verhalen die hier hadden kunnen bijstaan, maar een eigen blog verdienen: Dark en 1899, twee series geschreven door de briljante Baran bo Odar en Jantje Friese.